Is Brainspotting wetenschappelijk onderbouwd?
Brainspotting bestaat sinds 2003 en wordt inmiddels over de hele wereld gebruikt door therapeuten die werken met trauma, stress en emotionele klachten. Het is een relatief nieuwe therapie, maar er is steeds meer wetenschappelijk onderzoek dat laat zien dat het werkt en dat het een serieuze plek verdient binnen moderne traumabehandeling.
Helpt Brainspotting bij trauma en PTSS?
Ja. Er zijn meerdere onderzoeken die laten zien dat Brainspotting helpt bij mensen met traumaklachten of PTSS (posttraumatische stressstoornis).
De belangrijkste bevindingen:
- Mensen hebben minder last van herbelevingen, spanning en angst.
- Ze voelen zich rustiger en meer gereguleerd.
- De verbetering houdt vaak ook na de behandeling stand.
Er zijn studies gedaan in verschillende landen (o.a. VS, Duitsland, Filipijnen), bij verschillende soorten trauma, en de resultaten zijn vrijwel steeds positief.
Hoe scoort Brainspotting vergeleken met EMDR?
In één onderzoek met 76 mensen die PTSS hadden, werden drie sessies Brainspotting vergeleken met drie sessies EMDR.
Beide behandelingen werkten goed:
- EMDR werkte iets sneller,
- Brainspotting werkte óók duidelijk en betrouwbaar.
De conclusie van de onderzoekers was dat Brainspotting een effectief alternatief is voor mensen met traumaklachten.
Werkt Brainspotting ook bij andere klachten dan trauma?
Ja. Er zijn onderzoeken die positieve resultaten laten zien bij:
- angstklachten
- stress en overbelasting
- somatische klachten (fysieke spanning die een emotionele oorzaak heeft)
- prestaties in sport en muziek (blokkades, faalangst, freeze-respons)
- emotieregulatie (rust, stabiliteit, minder snel overprikkeld)
In al deze studies zie je dat mensen meer ruimte ervaren, minder spanning hebben en beter kunnen functioneren.
Hoe werkt Brainspotting volgens de wetenschap?
Simpel uitgelegd: Brainspotting gebruikt oogposities om contact te maken met spanningsplekken in het zenuwstelsel. Wanneer je dat punt aankijkt, kan het lichaam spanning loslaten die je met praten niet bereikt.
Veel van de wetenschappelijke beschrijvingen van Brainspotting zijn gebaseerd op het werk van Frank Corrigan, Damir del Monte en David Grand zelf. Ook trauma-experts als Bessel van der Kolk, Gabor Maté, Norman Doidge en Robert Scaer hebben aangegeven zeer onder de indruk te zijn van Brainspotting – en het zelfs zelf te gebruiken of er baat bij te hebben gehad.
Onderzoekers schrijven dat Brainspotting:
- het lichaam helpt om oude stress te ontladen
- diepere hersengebieden bereikt waar trauma wordt vastgehouden
- rust en regulatie in gang zet
- helpt om herinneringen opnieuw op te slaan, maar zonder paniek
Wat is de conclusie?
Op basis van het huidige onderzoek (2003–2024) kunnen we zeggen:
- Brainspotting werkt bij PTSS, trauma, angst en stress
- het heeft vergelijkbare effecten als sommige gevestigde methoden
- het is veelbelovend, vooral omdat het zo diep en snel kan werken
- de wetenschappelijke basis is in ontwikkeling, maar duidelijk groeiend en positief
Brainspotting is dus zeker geen “alternatieve therapie”, maar een moderne, lichaamsgerichte methode die steeds beter onderzocht wordt en in de praktijk sterke resultaten laat zien.